Beschermde stads- en dorpsgezichten
Beschermde stads- en dorpsgezichten zijn gebieden met een bijzonder cultuurhistorisch karakter. De bescherming is bedoeld om de cultuurhistorische identiteit van een gebied te behouden en in te zetten bij ontwikkelingen. We onderscheiden door het rijk en door de gemeente aangewezen beschermde gezichten.
Kijk op de kaart Beschermde stads- en dorpsgezichten welke beschermde gezichten er in Amsterdam zijn. Om te zien of een pand binnen een beschermd gezicht valt klikt u op het loep-icoon aan de rechterkant, vult u het adres in en selecteert.
Beschermde gezichten van Amsterdam
- Amsterdam heeft 4 rijksbeschermde stadsgezichten: het centrum van Amsterdam binnen de Singelgracht, Noord, Plan Zuid en het historisch centrum van Weesp, de donkerblauwe gebieden op de kaart.
- Durgerdam, Ransdorp en Holysloot zijn de 3 rijksbeschermde dorpsgezichten. Dit zijn de lichtblauwe gebieden op de kaart.
- Daarnaast heeft Amsterdam 9 gemeentelijk beschermde stadsgezichten: het Van Eesterenmuseum, de Noordoever van de Sloterplas, het Bijlmermuseum, het IJplein, de Admiralenbuurt, Betondorp, Oud-Zuid, Sloterplas en zijn oevers en Plan van Gool. Deze gebieden zijn rood op de kaart.
- Het dorp Sloten is gemeentelijk beschermd dorpsgezicht, het gele gebied op de kaart.
Aanwijzing van beschermd stads- of dorpsgezicht
Erkenning
Met de aanwijzing van een beschermd stadsgezicht wordt een erkenning gegeven aan de uitzonderlijke cultuurhistorische en stedenbouwkundige waarden van een gebied. Waardevol erfgoed waarvan de bijzondere waarden voor nu en in de toekomst behouden moeten blijven.
Veranderingen blijven mogelijk
De bestaande kwaliteiten zijn vaak een belangrijke reden dat men graag in deze wijken of gebieden woont en werkt. Bewoners zijn vaak trots op hun omgeving en voelen zich ermee verbonden. De bescherming van een gezicht heeft betrekking op de historisch waardevolle structuren. Dat betekent dat nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en kleinere ingrepen die passen in de historische omgeving, mogelijk blijven. Ook kan het gebruik van een gebouw veranderen, wanneer dit past in het historisch gegroeide karakter. Het is dus niet de bedoeling dat er na de aanwijzing niets meer mag veranderen in het gebied.
Minister - gemeenteraad - stadsdeelraad
De minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) wijst de rijksbeschermde gezichten aan. De gemeenteraad of stadsdeelraad, en de Raad voor Cultuur, Gedeputeerde Staten en de Rijksplanologische Commissie hebben daarbij een adviserende rol.
Gemeentelijk beschermde gezichten worden aangewezen door de gemeenteraad. Deze kan zich laten adviseren door de stadsdeelraad en Monumenten en Archeologie.
Het gemeentebestuur heeft criteria vastgelegd in de Handleiding voor de aanwijzing van zaken en terreinen als gemeentelijk monument en gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht.
Gevolgen van aanwijzing voor bewoner of eigenaar
Gebiedsbescherming gericht op behoud van kwaliteit
Met de aanwijzing tot beschermd stadsgezicht wordt beoogd om de historische structuur en ruimtelijke karakteristieken van een gebied te behouden, maar vooral ook te versterken en te benutten bij ontwikkelingen.
Uitgangspunt bij een beschermd stadsgezicht is de bescherming van een gebied. Het gaat dus niet om de bescherming van afzonderlijke gebouwen of objecten, maar om een samenspel van de stedenbouwkundige structuur, het aanzien van de bebouwing en de wijze waarop grond en gebouwen worden gebruikt. De cultuurhistorische waarde van het beschermd stadsgezicht wordt beschermd door bij veranderingen rekening te houden met het bijzondere karakter.
Een belangrijk gevolg van aanwijzing tot beschermd stadsgezicht is dat de gemeente (stadsdeel) nu en in de toekomst de waarde van de beschermde gezichten verankerd in het omgevingsplan.
Omgevingsvergunning en vergunningvrije werkzaamheden
Binnen een beschermd stadsgezicht is voor het slopen van een bouwwerk altijd een omgevingsvergunning nodig en binnen een rijksbeschermd stadsgezicht geldt een beperking van het aantal vergunningvrije bouwactiviteiten. Het doel hiervan is dat er geen ongewenste aantasting van de cultuurhistorische waarden plaatsvindt. Denk daarbij aan het plaatsen van dakkapellen of de omgang met erfafscheidingen.
Bijzonder welstandskader
Vaak geldt in een beschermd stadsgezicht een bijzonder welstandskader. Hoewel dit vanuit de aanwijzing geen verplichting is en het welstandskader ook van toepassing is zonder aanwijzing, kan hierdoor wel de bijzondere architectuur en beeldkwaliteit van een gebied extra beschermd worden bijvoorbeeld door het gebruik van ordekaarten. Meer informatie vindt u op de website van de Commissie Omgevingskwaliteit van Amsterdam.
Huurtoeslag
Voor woningen die binnen een rijksbeschermd stadsgezicht liggen, kan de huurcommissie de bij het puntenaantal behorende huurprijs met 15 procent verhogen. Deze verhoging kan alleen worden doorgevoerd als aan een reeks voorwaarden is voldaan.
Behoud van vastgoedwaarde
Onderzoeken wijzen uit dat de status van beschermd stadsgezicht leidt tot aantoonbare waardevermeerdering van het vastgoed. Het omgevingsplan geeft immers een bepaalde mate van rechtszekerheid. Daarnaast wordt in het algemeen meer geïnvesteerd in de ruimtelijke kwaliteit van gebouwen en omgeving in een beschermd stadsgezicht.
De rijksbeschermde stadsgezichten van Amsterdam
Amsterdam binnen de Singelgracht
Op 1 februari 1999 is de gehele Amsterdamse binnenstad (binnen de Singelgracht) aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht.
Om goed te kunnen omgaan met de historische stad moeten de bestaande kwaliteiten en zwakke punten helder zijn: wat moet worden behouden en beschermd en wat verbeterd en versterkt. Verschillende instrumenten bieden daarbij een helpende hand. Zo wordt bijvoorbeeld de kaart Atlas Ordekaarten - Waardering stedenbouwkundige en architectonische kwaliteit (amsterdam.nl) gebruikt als toetsingskader bij het ontwikkelen en beoordelen van bouwplannen.
Op de waarderingskaart is de begrenzing van het gezicht te zien. Voor alle bebouwing van vóór 1940 is aangegeven in hoeverre het bijdraagt aan de architectonische en/of stedenbouwkundige kwaliteit van het stadsbeeld. De waarderingskaart wordt als basis gebruikt bij de toetsing aan het omgevingsplan.
De bebouwing is ingedeeld in 3 orden:
- Onder orde 1 vallen rijksmonumenten en gemeentelijke monumenten.
- Tot orde 2 behoren bouwwerken van vóór 1940 die vanwege hun hoge architectonische kwaliteit, hun plaats in de stedenbouwkundige structuur en/of als toonaangevend element in de gevelwand een belangrijk bijdrage leveren aan het stadsbeeld.
- In orde 3 zijn bouwwerken van vóór 1940 opgenomen van wisselende architectonische kwaliteit, die voor wat schaal en detaillering betreft passen in de gevelwand, maar geen architectonische en stedenbouwkundige meerwaarde hebben. Daarnaast is er nog een categorie V (te vervangen gebouwen en te bebouwen gaten) en N (nieuwbouw van na 1940).
Noord
Op 3 maart 2014 is Amsterdam-Noord aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht. Het omvat de belangrijkste dragers van de historische ontwikkeling, die dit gebied doormaakte.
Ten eerste de Waterlandse Zeedijk met de dijkdorpen Schellingwoude, Nieuwendam, Buiksloot en de lintbebouwing Oostzanerdijk. Uniek vanwege hun karakteristieke silhouet van kleine, lage dijkwoningen met houten gevels, her en der kerktorens, en het alom aanwezige water met bruggen, haventjes vol woonschepen en bedrijvigheid, de rietlanden en weilanden in het benedendijkse land.
Als tweede het 19e-eeuwse ontwikkelingsgebied, met name de Volewijk en delen van de Nieuwendammer- en Buiksloterhampolder, met het Noordhollands Kanaal als belangrijkste as.
En ten slotte de reeks tuindorpen, die tussen 1910 en 1940 binnen deze structuur tot stand kwam. Deze kwalitatief hoogwaardige arbeiderswijken zijn gebouwd volgens het tuindorpconcept dat zich kenmerkt door intieme wijken met pleintjes, kleine, afwisselende woonblokken, gezinswoningen met tuintjes en overal veel groen en voorzieningen op loopafstand.
Dit unieke complex van tuindorpen tonen het vooruitstrevende ideaalbeeld van stadsbestuur en architecten voor de stadsontwikkeling en volkshuisvesting van Amsterdam en Nederland.
Oriëntatiekaart Amsterdam-Noord | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed | 2014
Plan Zuid
Op 4 oktober 2017 is Plan Zuid aangewezen als rijksbeschermd stadsgezicht. Plan Zuid is een belangrijk en goed bewaard voorbeeld van de wijze waarop vanaf het begin van de twintigste eeuw de problematiek van de volkshuisvesting in de grote steden werd aangepakt door middel van grote stedenbouwkundige plannen voor grote aantallen woningen.
Het plan, ontworpen door H.P. Berlage en in 1915 aan de Amsterdamse gemeenteraad gepresenteerd, werd vanaf 1917 gerealiseerd. Het merendeel van de bebouwing kwam voor de Tweede Wereldoorlog tot stand, maar een deel ook daarna.
In het plan zocht Berlage naar een goede aansluiting op de bestaande stad, terwijl het stedenbouwkundig concept van de uitbreiding zelf zoveel mogelijk volgens esthetische principes werd gerealiseerd, met grote aandacht voor een hiërarchisch stratenpatroon en monumentale accenten.
Als goed bewaarde planmatig ontwikkelde structuur met architectonisch samenhangende bebouwing vertegenwoordigt het Plan Zuid grote internationale waarde en wordt het internationaal gerekend tot de belangrijkste stedenbouwkundige plannen uit de eerste helft van de twintigste eeuw.
Begrenzingskaart Plan Zuid | 2017
Historisch centrum van stadsgebied Weesp
Het historisch centrum van Weesp is in 1982 door het rijk aangewezen als beschermd stadsgezicht. Het doel van deze aanwijzing is om de historische structuur en ruimtelijke kwaliteit te behouden. De bescherming is wettelijk verankerd in het bestemmingsplan Stedelijk gebied Weesp. Bekijk het stadsgezicht op de kaart.
De rijksbeschermde dorpsgezichten van Amsterdam
Durgerdam
Dit dorp wordt gekarakteriseerd door dijkbebouwing die bestaat uit vrijstaande houten vissershuisjes. De haven is een belangrijk element in het geheel. De kerk en het oude dorpshuis vormen door de ligging en de markante vorm van de klokkentoren het hart van het dorp. Het dorp is in 1976 als beschermd dorpsgezicht aangewezen.
Ransdorp
Dit dorp is in de middeleeuwen als ontginningsnederzetting ontstaan. De gotische kerktoren is het dominerende middelpunt met daar omheen lage bebouwing van voornamelijk houten huisjes. In 1976 is het als beschermd dorpsgezicht aangewezen.
Holysloot
Het dorp en het veenweidegebied Waterland en de Holysloter Die, vormen in historisch-ruimtelijk en functioneel opzicht een geheel. Het wordt gekarakteriseerd door lintbebouwing. Het dorp is in 1976 als beschermd dorpsgezicht aangewezen.
De gemeentelijk beschermde stadsgezichten van Amsterdam
Van Eesterenmuseum
Sinds 2008 heeft Amsterdam een gemeentelijk beschermd stadsgezicht: het Van Eesterenmuseum. Het betreft het gebied in stadsdeel Nieuw-West, tussen de Burgemeester van Tienhovengracht (Gerbrandypark) en de Burgemeester Vening Meineszlaan.
Het gezicht is vernoemd naar de stedenbouwkundige Cornelis van Eesteren, onder wiens leiding het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP) van Amsterdam - waarvan het gebied een onderdeel is - werd ontwikkeld. Het Van Eesterenmuseum maakt deel uit van het uitbreidingsplan Tuinstad Slotermeer dat in 1939 werd vastgesteld door de gemeenteraad.
Hoewel al eerder deelplannen waren vastgesteld, vormde Tuinstad Slotermeer toch het begin van een nieuw tijdperk. Het was namelijk de eerste woonwijk buiten de Ringspoorbaan die door de Afdeling Stadsontwikkeling werd ontworpen. De bebouwing in het Van Eesterenmuseum is zowel stedenbouwkundig als architectonisch representatief voor het experimentele ontwikkelingsstadium van de naoorlogse woonwijk.
Het ontwerp is nog voor de oorlog ontwikkeld en begin jaren 50 in gewijzigde vorm gerealiseerd, als eerste onderdeel van de Westelijke Tuinsteden. Het is in veel opzichten een overgangsvorm tussen vooroorlogse vernieuwingen en latere onderdelen van de Westelijke Tuinsteden als Slotervaart en Osdorp.
Noordoever van de Sloterplas
Op 18 oktober 2017 is de Noordoever van de Sloterplas aangewezen als gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Het gebied Noordoever maakt deel uit van het uitbreidingsplan Tuinstad Slotermeer (1939) en van het ontwerp voor het Sloterpark rond de Sloterplas, dat tussen 1939 en 1974 tot stand kwam.
De ontwerpen waren een uitwerking van het Algemeen Uitbreidingsplan van Amsterdam (AUP). In het AUP werd grote waarde gehecht aan groen en recreatie in de moderne stad. Hieruit kwam de bijzondere keuze voort om het centrum van de Westelijke Tuinsteden een park en plas te laten zijn.
Het gebied Noordoever ligt aan de kop van de Sloterplas, en is een karakteristiek, vrijwel ongeschonden onderdeel van het AUP. De 3 galerijflats, het paviljoen Oostoever met het stippenterras en de boulevard met de bomenrijen en de (groene) haven springen daar in het oog. In het gebied Noordoever komen verschillende typen openbare ruimte samen, wat een gevarieerd en rijke omgeving oplevert. In de enscenering zijn de stedenbouwkundige principes van het Nieuwe Bouwen waarmee Van Eesteren en zijn partners/medewerkers ontwierpen, goed zichtbaar. Alles bij elkaar genomen wordt de kop van de Sloterplas, gebied Noordoever, gezien als een hoogtepunt in de naoorlogse stedenbouw van Amsterdam.
Begrenzingskaart Noordoever van de Sloterplas | 2017

Bijlmermuseum
Op 29 mei 2019 is het gebied Bijlmermuseum aangewezen als gemeentelijk beschermd stadsgezicht. De Bijlmermeer was de eerste fase voor de stadsontwikkeling 'zuid-oost lob' en werd ontworpen en gebouwd tussen 1963 en 1973. Kenmerkend zijn de dominante honingraatstructuur van de hoogbouw en de volledige scheiding van auto- en langzaam verkeer, waarmee het te zien is als een experimenteel slotakkoord van het in 1935 vastgestelde en tussen 1939 en 1962 gerealiseerde Algemeen Uitbreidingsplan.
Tevens vormt de Bijlmermeer een hoogtepunt in de decennia lange strijd van volkshuisvesters en architecten voor ruime, goed uitgeruste sociale (gezins)woningen in gestapelde bouw: een groot deel van de flats beschikt over goed ingedeelde vierkamerwoningen van 100 m2.
Al in 1992 werd besloten tot sloop van een groot deel van de hoogbouw vanwege het negatieve imago dat de wijk intussen had gekregen als gevolg van sociale en financiële wantoestanden. Dankzij bewonersinitiatieven werden de flatgebouwen gelegen aan weerskanten van de metrobaan in het hart van de wijk behouden, waarbij als geuzennaam 'Bijlmermuseum' werd bedacht.
In dit kleinere gebied zijn de aanwezige cultuurhistorische waarden zeer herkenbaar als onderdeel van het oorspronkelijke grote stedenbouwkundig plan voor de Bijlmer. Het gaat daarbij om het ensemble van de 6 hoogbouwflats (Gooioord, Groeneveen, Grubbehoeve, Kikkenstein, Kleiburg en Kruitberg), de hoge metrobaan, de onderliggende groen- en waterstructuur en de oorspronkelijke fiets- en voetgangersbruggen, die samen het Bijlmermuseum vormen.
Begrenzingskaart Bijlmermuseum | 2019
IJplein
Op 17 december 2020 wees de gemeenteraad het IJplein aan als gemeentelijk beschermd stadsgezicht. IJplein is het hele gebied aan het IJ tussen het Pontplein, de Meeuwenlaan en het Motorkanaal/de Motorwal.
Dit jonge erfgoed kwam tot stand tussen 1980 en 1987, in nauw overleg met de buurt en het bureau OMA van Rem Koolhaas. Het IJplein was in diverse opzichten een vernieuwend en uniek project. Diverse (ruimtelijke) waarden zijn nog altijd aanwezig in het gebied. Het gaat dan onder andere om de oriëntatie van de open opzet van de bouwblokken, op zo’n manier dat zoveel mogelijk mensen vanuit hun woning en de achterliggende Vogelbuurt het IJ kunnen zien.
Ook de mix van verkavelingstypologieën en woonvormen bestaat nog altijd: in het gebied vinden we urban villas en strokenbouw met uiteenlopende woonvormen. Het IJplein is een wijk die stedenbouwkundig, architectonisch en qua landschap-/groenaanleg tot op detailniveau, inclusief boomsoorten en het materiaal- en kleurgebruik, ontworpen werd.
Dat kleurgebruik in de architectuur is nog altijd een van de kenmerkende aspecten. Waar tot de jaren 70 de Amsterdamse Droogdokmaatschappij draaide, vinden we anno 2021 een doorwaaibare buurt met aandacht voor zichtlijnen tussen de Vogelbuurt, het IJ en de binnenstad.
Begrenzingskaart IJplein | 2021
Admiralenbuurt
Op 30 november 2022 heeft de gemeenteraad ermee ingestemd om de Admiralenbuurt de status van gemeentelijk beschermd stadsgezicht te geven.
De Admiralenbuurt ligt in stadsdeel West ten westen van de Kostverlorenvaart, als onderdeel van de zogenaamde Ring ’20-’40, tussen de negentiende-eeuwse woonwijken en de naoorlogse uitbreidingen in de Westelijke Tuinsteden.
De Admiralenbuurt is onderdeel van een volkswoningbouwwijk die in de jaren ’20 en ’30 van de twintigste eeuw tot stand is gekomen. Het gebied werd tussen 1922 en 1927 ingericht als onderdeel van het zogenaamde Plan West, een plan voor de bouw van 6000 arbeiderswoningen. Als onderlegger voor de structuur en het wegenpatroon werd de oude slotenverkaveling van het gebied aangehouden. Sinds het ontstaan van de Admiralenbuurt als woonwijk is de ruimtelijke structuur van het gebied zeer stabiel gebleven. Als goed bewaarde planmatig ontwikkelde structuur met architectonisch samenhangende bebouwing vertegenwoordig het gebied grote nationale en internationale waarde in zowel stedenbouwkundig, architectonisch en cultuurhistorisch opzicht.
Oud-Zuid
Op 30 november 2022 wees de gemeenteraad Oud-Zuid aan als gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Binnen dit stadsgezicht zijn drie deelgebieden te onderscheiden, deels gelegen in stadsdeel Zuid, deels in stadsdeel West: de strook Overtoom/Vondelbuurt, het gebied Vondelpark-/Concertgebouw-/Museumpleinbuurt én de Pijp en Amsteloevers.
Oud-Zuid is een negentiende-eeuws stedelijke uitbreidingsgebied dat door aard, omvang en gaafheid een uniek voorbeeld is van Nederlandse stedenbouw tussen 1860 en 1910. Deze stedenbouw kenmerkt zich door een mix van particulier initiatief en overheidsbemoeienis, een gevarieerde bebouwing zowel voor de gegoede burgerij als voor middenstanders en arbeiders, soms organisch en dikwijls meer of minder planmatig tot stand gekomen.
Oud-Zuid is van grote stedenbouwkundige, architectonische en cultuurhistorische waarde als stedelijke uitbreiding uit de periode van 'speculatieve woningbouw', voordat de woningwet van kracht werd (1901). De bebouwing in Oud-Zuid is gemiddeld van hoge kwaliteit en relatief gaaf bewaard gebleven. De stedelijke uitbreiding Oud-Zuid is zowel voorloper als tegenhanger van het later (na 1917) en volledig planmatig tot stand gekomen Plan Zuid van H.P. Berlage, dat aansluit op Oud-Zuid en een status als rijksbeschermd stadsgezicht heeft.
Betondorp
Betondorp kreeg op 30 november 2022 de status van gemeentelijk beschermd stadsgezicht.
Betondorp is een vroeg twintigste-eeuwse stadsuitbreiding met goed bewaarde planmatige structuur en architectonisch samenhangende bebouwing en groeninvulling, waaraan weliswaar de idealen van de tuinstadbeweging ten grondslag liggen, maar die door de sterk formele opzet uniek is voor Nederlandse tuindorpen. Bijzonder is eveneens dat het tuindorp deels in experimentele betonbouw werd uitgevoerd. Deze stadsuitbreiding is als zodanig van belang, vanwege de bijzondere stedenbouwkundige waarden.
Sloterplas en zijn oevers
Op 28 maart 2024 is Sloterplas en zijn oevers aangewezen als gemeentelijk beschermd stadsgezicht. Het gebied Sloterplas en zijn oevers beslaat het grootste deel van het Sloterpark, tot aan de President Allendelaan, en sluit aan op het eerder aangewezen gebied de Noordoever van de Sloterplas.
De Sloterplas, omgeven door groen en robuuste parkzones, is het magistrale middelpunt van de Westelijke Tuinsteden, zoals vastgelegd in het Algemeen Uitbreidingsplan (AUP, 1934). De plas werd gegraven tussen 1942 en 1956. Het Sloterpark kwam ruwweg tussen 1950 en 1970 in verschillende fasen tot stand. Het uiteindelijke resultaat vormt, naast een magistraal middelpunt, ook het hart van een ingenieuze groenstructuur die de omringende woonwijken met parkstroken en waterlopen dooradert. Daarmee markeert het tevens een unieke fase in de ontwikkeling van de groenvoorziening en van Amsterdam.
De Sloterplas is een zo natuurlijk mogelijk ontworpen plas met parken ingericht voor ‘licht, lucht en ruimte’ en voor recreatiedoeleinden, waaronder zwemmen, watersport en wandelen. De Noord- en Zuidoever hebben een stedelijk karakter met meer formele bomenrijen langs de plas en zorgvuldig ontworpen hoogbouwclusters zoals Torenwijck (Zuidoever) en de flats van de Burgemeester Hogguerstraat (Noordoever). De Oost- en Westoever kregen een robuust natuurlijk karakter met een afwisseling van beplanting met open speelweides, reliëf en een gebogen maar strakke lijnvorming in beplanting en oevers.
Begrenzingskaart Sloterplas en zijn oevers | 2024
Plan van Gool
Op 26 juni 2024 is Het Breed, ook bekend als Plan van Gool, in Amsterdam Noord aangewezen als gemeentelijk beschermd stadsgezicht.
Deze woonwijk bevindt zich in de Buikslotermeerpolder in Amsterdam Noord. Het is de uitkomst van de bijzondere Buikslotermeerprijsvraag, die door de gemeente uitgezet was om aan woonvormen en woonomgevingen met ‘toekomstwaarde’ te komen, waarvan de kwaliteit niet meer uitsluitend gericht was op het oplossen van de naoorlogse woningnood die de Algemeen Uitbreidingsplan-wijken tot op dat punt bepaalden. Aan het voorzien in veel groen, licht en privacy hield men vast. De keuze viel in 1963 op het ontwerp van Van Gool, vermoedelijk vanwege het rustigere karakter van hun voorstel waar alle woningtypen in één bouwvorm met dezelfde bouwhoogte werden ondergebracht. Dit experiment vormde een keerpunt in de geschiedenis van de hoofdstedelijke woningbouw.
Het plan is zeer fraai in de polderstructuur opgenomen, met het dijklichaam rondom, en wordt gedefinieerd door een autoluwe parkachtige ruimte met daarin twee vrijwel identieke als het ware meanderende groeperingen van middelhoge haakvormige flatgebouwen ter weerszijden van een auto- en fietsvrije centrale ruimte met onderwijs- en speelvoorzieningen. Deze wijk met grootstedelijk allure, is van grote cultuurhistorische betekenis. Zowel de speelse verkaveling, typologische oplossingen en een zekere mate van ‘onbepaaldheid’ door de uniforme en ruime opzet als de ‘neutrale architectuur’ alsook de futuristische luchtbruggen zijn nieuw voor die tijd. De stedenbouwkundige ideeën die bij de planvorming voor Het Breed naar voren zijn gekomen, werden de basis voor de latere planontwikkeling van de uitbreidingswijken die in de jaren zestig (in aanvulling op het AUP, in Noord en Zuidoost) tot stand kwamen.
Het gemeentelijk beschermd dorpsgezicht
Dorp Sloten
Op 18 oktober 2017 is Dorp Sloten aangewezen als gemeentelijk beschermd dorpsgezicht. Het dorp Sloten is van stedenbouwkundig, architectuurhistorisch en historisch belang als voormalig dorp, met structuur en bebouwing van dien, dat binnen de stadsgrenzen is komen te liggen.
Het dorp is een bijzondere identiteitsdrager, die de geschiedenis van het gebied in de snel verstedelijkende omgeving leesbaar houdt. Of (Nota Cultuurhistorie Amsterdam Nieuw-West, juni 2013): "Op het niveau van Amsterdam vormt het dorp een redelijk gaaf relict van het agrarisch verleden in een sterk verstedelijkte omgeving. Het dorp kent een grote concentratie gemeentelijke monumenten en 2 rijksmonumenten."
Het herkenbaar houden van de historische dorpskern is van groot belang. Die herkenbaarheid wordt gedragen door het zicht op het dorp, de open stegen die de relatie vormen tussen Sloterweg en achterland en de aan het landelijk verleden refererende bebouwing. Hiermee is ook de begrenzing van het beschermde gebied bepaald.